Jan Dumolyn (Brugge, 25 augustus 1974) is een Belgisch historicus en hoogleraar. Hij groeide op in een traditioneel socialistische familie. Hij werd in zijn jeugd betrokken bij maatschappelijke en politieke activiteiten en was actief bij de Brugse Jongeren tegen Racisme. Hij liep school in het Koninklijk Atheneum in Brugge II in Sint-Michiels. In 1995 werd Dumolyn licentiaat in de wijsbegeerte en letteren, vakgroep geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Gent, met een scriptie over De Brugse opstand van 1436-1438. In oktober van dat jaar ging hij aan de slag als onderzoeker op het departement middeleeuwse geschiedenis. In 2001 behaalde hij zijn doctoraat in de geschiedenis met een proefschrift over Het hogere personeel van de hertogen van Bourgondië in het graafschap Vlaanderen (1419-1477). Hij bleef aan de universiteit werken als postdoctoraal onderzoeksassistent en werd gastdocent aan de Universiteit Antwerpen (2003-2004) en aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (2005). In oktober 2008 werd hij benoemd tot docent aan de Universiteit Gent en in 2011 tot hoofddocent. Hij is syndicaal afgevaardigde van het ACOD Onderwijs voor het academisch personeel van de UGent en een van de initiatiefnemers van Onderzoekers in Actie, een groep onderzoekers die pleit voor meer middelen voor wetenschap en innovatie In 2012 en 2018 stond hij bij de gemeenteraadsverkiezingen op de lijst van de PVDA in Gent. Hij is voorzitter van Instituut voor Maatschappijkritische Actie, Vorming en Onderzoek en was redactielid van het Vlaams Marxistisch Tijdschrift. De PVDA droeg Dumolyn in 2019 voor als expert in het autonome gemeentebedrijf Erfgoed van Gent.