Komiek Wim Witteman, op latere leeftijd door het 'grote toneel' ontdekt, ligt op sterven en ziet zijn leven aan hem voorbijgaan. Zijn vader, zijn moeder, zijn toneelpartner Jo, de clown Henk en Tineke, zijn geliefde... Maar vooral zijn autistische broer Peter, met wie hij een wel heel bijzondere band had.